examenvraag 22 van 2011 VWO
Over de vraagbaak

Vraagbaak scheikunde

examenvraag 22 van 2011 VWO

  • Dit onderwerp bevat 2 reacties, 1 deelnemer, en is laatst geüpdatet op 3 jaren geleden door Sanna.
3 berichten aan het bekijken - 1 tot 3 (van in totaal 3)
  • Auteur
    Berichten
  • #2434 Reageer
    Sanna
    Gast

    Hallo allemaal,

    Ik ben bezig te oefenen met examenvragen. Ik kwam bij deze op een verkeerd antwoord uit.
    http://havovwo.nl/vwo/vsk/bestanden/vsk11iex.pdf het gaat om vraag 22 waarin je moet uitleggen hoe een netwerksysteem kan ontstaan.

    Ik zelf dachr dat doordat beide stoffen een NH groep hebben, er waterstof bruggen gevormd kunnen worden die zorgen voor een netwerk structuur. Het uitwerkingenboekje zegt helaas jets anders. Waarom is mijn antwoord fout?

    Bedankt,

    Sanna

    #2440 Reageer
    C3 JongerenCommunicatie
    Sleutelbeheerder

    Hi Sanna,

    Deze vraag van het examen gaat over het onderdeel polymeren en dan kijken we dus naar additie van dubbele bindingen en/of condensatie om een ester of amide te vormen.

    Je zit in de goede richting te denken met het vormen van nieuwe bindingen, maar in dit geval is niet de NH groep verantwoordelijk maar de dubbele bindingen. NH groepen kunnen inderdaad waterstofbruggen vormen, maar voor het vormen van een polymeer hebben we meer nodig dan waterstof bruggen, namelijk crosslinks.
    De crosslinks worden in dit geval gevormd door de dubbele bindingen aan beide zijden van een molecuul.
    De eerste dubbele binding van het molecuul komt in een eerste keten terecht en de tweede dubbele binding komt in een andere keten terecht -> wat uiteindelijk een lange polymeerketen vormt.

    Helpt dit je vooruit? / Helpt dit ter verduidelijking van het uitwerkingenboekje?

    Groetjes,
    Anne

    #2441 Reageer
    Sanna
    Gast

    Hallo Anne,

    Bedankt voor je uitleg, ik zie het al 🙂

    Fijne avond,

    Sanna

3 berichten aan het bekijken - 1 tot 3 (van in totaal 3)
Reageer op: Reactie #2441 in examenvraag 22 van 2011 VWO
Je informatie:



vraagbaak icoon Examen 2018-1 vwo
Scheikunde | Vwo | 6
Vraag
Examen 2018-1 vwo
Hallo, ik ben eindexamen leerling en heb het scheikunde examen vwo 2018-1 gemaakt, en aan de hand daarvan wat vragen. vraag 1: ik heb hier gewoon opgeschreven dat het aantal atomen gelijk is, niet dat het er 6 zijn. Krijg ik hiervoor helemaal geen punten? vraag 6: bij uitgangspunt 2 heb ik gezegd dat bij […]
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon Joodadditiegetal
Scheikunde | Mbo 3 | 6
Vraag
Joodadditiegetal
– Hoe bepaal je de hoeveelheid gram onverzadigd vet doormiddel van het joodgetal? (Formule) – is er een formule voor de bepaling van het joodgetal doormiddel van titratie van KI-oplossing? antwoord alstublieft niet met een site want ik heb al heel ver gezocht maar vond niets. Ik hoop dat u mij kunt helpen door een […]
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon Joodgetal
Scheikunde | Mbo 3 | 6
Vraag
Joodgetal
– Hoe bepaal je de hoeveelheid gram onverzadigd vet doormiddel van het joodgetal? – Wat kan je concluderen uit de grootte van een joodgetal? – is er een formule voor de bepaling van het joodgetal doormiddel van titratie van KI-oplossing?  
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon eiwit
Scheikunde | Vwo | 6
Vraag
eiwit
ik ben een eindproject aan het doen en ik moet hierbij de eiwitgehalte bepalen van gedroogde meelwormen. Mijn vraag is of dat ik gedroogde meelwormen (in de vorm van poeder) kan gebruiken bij Kjeldahl-methode. (de eiwitgehalte bepalen gaat na vetextractie gebeuren)
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon eiwitgehalte bepalen met Kjeldahl-methode
Scheikunde | Vwo | 6
Vraag
eiwitgehalte bepalen met Kjeldahl-methode
beste meneer/ mevrouw ik ben een eindproject aan het doen en ik moet hierbij de eiwitgehalte bepalen van gedroogde meelwormen. Mijn vraag is of dat ik gedroogde meelwormen (in de vorm van poeder) kan gebruiken bij Kjeldahl-methode. (de eiwitgehalte bepalen gaat na vetextractie gebeuren) alvast bedankt
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon pH
Scheikunde | Havo | 5
Vraag
pH
Een regenton is gevuld met 200 liter water, waarvan de pH 5,5 is. Je moet natriumhydroxide korreltjes gebruiken om de pH neutraal te maken (pH 7). Elk korreltje weegt 0,025 gram. Hoeveel korreltjes heb je nodig om het water neutraal te maken?
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon redoxreactie
Scheikunde | Vwo | 6
Vraag
redoxreactie
hallo, wilt u bij deze reacties voor mij het antwoord geven want ik heb ze gemaakt maar ik heb geen antwoorden en ik weet niet of ik het goed gedaan heb. 1. geef de half reacties en de totaal reactie  wanneer fosforigzuur (H3PO3) aan een kaliumnitraatoplossing wordt toegevoegd/ 2. geef de half reacties en de […]
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon Redox waterstofperoxide
Scheikunde | Vwo | 5
Vraag
Redox waterstofperoxide
Hoi In mijn scheikundeboek staat een opdracht over waterstofperoxide dat zich als oxidator en als zuurstof gedraagt. vraag a: ‘Je kunt je haar bleken met een H2O2 oplossing. Niet H2O2 zelf is dan de oxidator, maar zuurstof die uit H2O2 ontstaat. Geef de halfreactie voor het ontstaan van zuurstof uit H2O2. en vraag b: ‘De […]
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon Redox waterstofperoxide
Scheikunde | Vwo | 5
Vraag
Redox waterstofperoxide
Hoi In mijn scheikundeboek staat een opdracht over waterstofperoxide dat zich als oxidator en als zuurstof gedraagt. vraag a: 'Je kunt je haar bleken met een H2O2 oplossing. Niet H2O2 zelf is dan de oxidator, maar zuurstof die uit H2O2 ontstaat. Geef de halfreactie voor het ontstaan van zuurstof uit H2O2. en vraag b: 'De […]
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon koolwaterstoffen nummering
Scheikunde | Vwo | 4
Vraag
koolwaterstoffen nummering
hoe weet je welk deel van een koolwaterstof het laagste nnummer heeft?
Bekijk vraag & antwoord

Inloggen voor experts