Cellulose β-D-glucose
Over de vraagbaak

Vraagbaakscheikunde.nl

Cellulose β-D-glucose

6 berichten aan het bekijken - 1 tot 6 (van in totaal 6)
  • Auteur
    Berichten
  • #2360 Reageer
    KS
    Gast

    Beste allemaal,

    Cellulosemolecuul is een lineair polymeer, opgebouwd uit >2000 glucose-eenheden. Het polymeer bestaat uit het monomeer β-D-glucose.
    Echter in Binas Tabel 67 F3 staat een deel van het polymeer Cellulose. Hier lijkt het alsof het polymeer bestaat uit afwisselend monomeer β-D-glucose en α-D​-Glucose of zie ik het verkeerd?

    (Tevens zit aan het tweede monomeer de CH2OH-groep onderin, wil dit ook zeggen dat het een L-vorm betreft?)

    Alvast bedankt.

    #2362 Reageer
    Susanne C3
    Sleutelbeheerder

    Beste KS,

    We hebben helaas technische problemen met de vraagbaak waardoor het antwoord van de expert niet wordt weergegeven. We gaan het morgenochtend oplossen.

    Groet, Susanne

    #2403 Reageer

    Hoi KS,

    Er is voor gekozen om tussen twee monomeren de ‘ether-groep’ (C-O-C) zo weer te geven dat beide bindingen omhoog ofwel naar beneden staan. Om dit te bereiken moet in dit geval ervoor gekozen worden om één van de twee glucose-moleculen op zijn kop te tekenen.
    Als je goed naar de structuur kijkt van b-D-glucose dan zie je dat de OH-groep op C(4) namelijk omlaag staat en op C(1) omhoog.

    Omdat de tweede glucose-eenheid van cellulose dus op zijn kop getekend is, zit het zuurstof-atoom in de ring nu aan de voorkant net als de ‘-CH2OH’ groep op C(5) die bovendien ook naar beneden zit.

    b-D-glucose heeft dus een OH-groep boven de ring op C(1) en C(3) en onder de ring op C(2) en C(4).
    Je zou je binas eens op zijn kop kunnen houden en vervolgens kunnen kijken of de OH-groepen nu ook omhoog zitten op C(1) en C(3) onder de ring op C(2) en C(4). Daaruit volgt direct dat het ‘gewoon’ op b-glucose gaat.

    Of ze elkaars spiegelbeeld zijn moet je kijken of de volgorde van de gebonden groepen op C(5) verandert is. De makkelijkste manier is om het tweede monomeer-eenheid in gedachten om te draaien en te passen op het eerste monomeer-eenheid. Past het precies dat zijn ze hetzelfde, zo niet zijn het dan spiegelbeelden van elkaar?

    Als je nog vragen hebt of er iets onduidelijk is horen we het graag!

    Met vriendelijke groeten,
    Yvette

    #2408 Reageer
    KS
    Gast

    Beste Yvette,

    Bedankt voor de uitgebreide uitleg!
    Maar waarom is voor de ester verbinding bij cellulose gekozen om de monomeren om-en-om op zijn kop te draaien, en voor bijvoorbeeld Amylose niet?

    #2409 Reageer
    KS
    Gast

    Excuus ether*

    #2411 Reageer

    Hoi KS,

    Bij amylose was dit niet “nodig” aangezien de OH-groepen op C(1) en C (4) beiden onder de ring zitten waardoor de structuur al als een rechte lijn weergegeven kon worden zonder monomeer-eenheden om te draaien.
    Kortom, dit is puur een keuze op basis van beschikbare pagina-ruimte en overzichtelijkheid.

    Net als bij bijvoorbeeld lange koolstofketens waar we ervoor kiezen ze C-atomen naast elkaar te plaatsen (meestal zigzag) en ook niet kriskras naar boven en/of beneden, terwijl die weergave net zo juist zou zijn aangezien de ketens vrij kunnen draaien om hun C-C bindingen zoals ook het geval is met de ether hoewel draaiing daarvan veel meer energie kost gezien de grote lengte/massa van een celluloseketen.

    Heb je nog aanvullende vragen?

    Groeten, Yvette

6 berichten aan het bekijken - 1 tot 6 (van in totaal 6)
Reageer op: Cellulose β-D-glucose
Mijn informatie:



vraagbaak icoon vraag 17 2002 tijdvak 1
Scheikunde | Vwo | 6
Vraag
vraag 17 2002 tijdvak 1
In mijn scheikunde boek kwam een oud examen opgave van 2002 tijdvak 1 vraag 17. Ik snap er dus helemaal niks van. Zouden jullie mij kunnen helpen met hoe je dit soort vragen beantwoord en hoe zei op het antwoord kwamen?
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon Rekenen zuren en basen
Scheikunde | Vwo | 5
Vraag
Rekenen zuren en basen
Goedenavond, Ik had een vraag waar ik niet helemaal uitkwam met betrekking tot chemisch rekenen aan zuren en basen. Hopelijk zou iemand mij op weg kunnen helpen. De vraag luidt als volgt: Je hebt een oplossing van natriumcarbonaat met een pH van 11,70 (T=298 K). Aan 50 mL van deze oplossing wordt 10 mL 0,10 […]
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon Druk in een vat
Vraag
Druk in een vat
Stel dat ik een drukvat/buffervat heb van b.v. 1.000 liter lucht met een uitgangsdruk van 1 bar. Wat gebeurt er als ik daar met een compressor 1.000 liter lucht (of een hoeveelheid 'N') bij in pomp? Mijn uitgangspunt is de ideale gaswet: P x V / N x T = constant. Dus als ik N […]
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon Katalysator in evenwichtsreactie
Scheikunde | Vwo | 4
Vraag
Katalysator in evenwichtsreactie
Mijn vraag is simpel Beïnvloedt een katalysator in een reactie met ingesteld evenwicht beide reactiesnelheden (reactie links en rechts) met dezelfde toename of afname? Ik begrijp niet dat een katalysator voor twee verschillende reacties dezelfde invloed kan hebben.
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon polair/apolair
Scheikunde | Vwo | 6
Vraag
polair/apolair
Malonzuur lost prima op in water. Toch zou ik zeggen dat door de symmetrie van het molecuul, moleculen malonzuur geen dipoolmoment hebben. De partiele dipoolmomenten heffen elkaar op. En dus is het een apolaire stof. Net zoals CO2 dat ook niet goed oplost in water. Toch heeft malonzuur OH-groepen die H-bruggen met watermoleculen kunnen vormen. […]
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon polair/apolair
Scheikunde | Vwo | 6
Vraag
polair/apolair
Malonzuur lost prima op in water. Toch zou ik zeggen dat door de symmetrie van het molecuul, moleculen malonzuur geen dipoolmoment hebben. De partiele dipoolmomenten heffen elkaar op. En dus is het een apolaire stof. Net zoals CO2 dat ook niet goed oplost in water. Toch heeft malonzuur OH-groepen die H-bruggen met watermoleculen kunnen vormen. […]
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon scheikunde zuren
Scheikunde | Vwo | 4
Vraag
scheikunde zuren
de opdracht uit het boek: Methaanzuur is een organisch zuur. Geef de reactievergelijking in molecuulformules van de reactie die verloopt bij het oplossen van methaanzuur in water. hoe/waar kan ik vinden wat de formule van methaanzuur is, staat het ergens in de binas of moet ik dit leren?
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon pH berekenen
Scheikunde | Vwo | 5
Vraag
pH berekenen
Bereken de pH na samenvoegen van: 100,0 ml zoutzuur (pH=2,70) en 100,0 ml KOH (pH=11,50) Ik heb de concentratie H3O+ en de concentratie OH- kunnen betekenen, maar ik weet niet hoe ik verder zou moeten.
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon scheikunde bio-alcohol
Scheikunde | Havo | 3
Vraag
scheikunde bio-alcohol
Hi mijn vraag is: Wat is de juiste reactievergelijking van Bio-alcohol/ethanol?
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon chemisch rekenen
Scheikunde | Havo | 4
Vraag
chemisch rekenen
Het lukt mij niet om aan deze oefening te beginnen: In een afgesloten reactievat werden 1,20 mol chloorgas en 0,20 mol zuurstofgas gebracht. Er trad een aflopende reactie op waarbij er 0,40 mol van een oxide van chloor gevormd werd. Wat is de formule van het gevormde oxide?
Bekijk vraag & antwoord

Inloggen voor experts