Groene Chemie opdracht
Over de vraagbaak

Vraagbaak scheikunde

Groene Chemie opdracht

4 berichten aan het bekijken - 1 tot 4 (van in totaal 4)
  • Auteur
    Berichten
  • #162170 Reageer
    Dirk
    Gast

    Hallo. Wij moeten een opdracht uitvoeren over Groene Chemie en moeten de totale reactievergelijking opstellen van de volledige reactie. Het zou fijn zijn als iemand mij kan vertellen of je alleen de reacties van de eerste drie stappen moet gebruiken voor de totale reactie of ook de reactie die bij stap 5 staat vermeld. Ook moeten we een blokschema hiervan opstellen wat ik moeilijk vind. De volgende informatie wordt gegeven.

    Stap 1.   De synthese van cyclohexanon

    Cyclohexanol reageert met behulp van een overmaat salpeterzuur tot cyclohexanon. Hierbij ontstaat ook salpeterigzuur. In molecuulformules: C6H12O + HNO3 -> C6H10O + HNO2 + H2O

    Stap 2.   De synthese van 1,2-cyclohexaandion

    De producten en de overmaat salpeterzuur worden samen in de volgende reactor ingeleid. In deze reactor wordt het cyclohexanon omgezet in cyclohexaan-1,2-dion. In molecuulformules: C6H10O + 2 HNO3 ->  C6H8O2 + 2 HNO2 + H2O

    Stap 3.   De synthese van adipinezuur

    De producten en de overmaat salpeterzuur worden samen in de volgende reactor ingeleid. In deze reactor wordt het cyclohexaan-1,2-dion omgezet in hexaandizuur (adipinezuur). Dit gebeurt bij een hoge temperatuur in een buisreactor waarin vanadium als katalysator geadsorbeerd is aan de wand. In molecuulformules: C6H8O2 + HNO3 + H2O ->  C6H10O4 + HNO2

    Stap 4.   Het afscheiden van onzuiver adipinezuur.

    De vloeistof met salpeterzuur, salpeterigzuur en het adipinezuur met verontreinigingen wordt gefiltreerd, waarbij het onzuivere adipinezuur wordt afgescheiden. Het filtraat met HNO2 en HNO3 wordt gevoerd naar een reactor, waarin HNO2 wordt omgezet in HNO3.

    Stap 5.   Het terugwinnen van salpeterzuur uit salpeterigzuur

    In een complex proces wordt HNO2 onder toevoer van zuurstof omgezet in salpeterzuur (HNO3) en NO volgens : 9 HNO2 + 3 O2 -> 7 HNO3 + 2 NO + H2O

    Zo ontstaat er een vernuftig systeem om het product salpeterigzuur (HNO2) weer om te zetten in salpeterzuur (HNO3) en het salpeterzuur te recyclen. Het NO-gas wordt afgevangen

    Stap 6.

    In deze laatste stap wordt het onzuivere adipinezuur gezuiverd door een herkristallisatie.

    Alvast bedankt

    #162173 Reageer

    Beste Dirk,

    Ik verwacht dat je alleen de totaalreactie op moet stellen voor de vorming van adipinezuur uit cyclohexanol, dus alleen van stappen 1 t/m 3. Dit omdat het terugwinnen van salpeterzuur uit salpeterigzuur een mooie manier is waarop het salpeterigzuur hergebruikt kan worden bij de vorming van adipinezuur, maar geen onderdeel is van de reactie van cyclohexanol tot adipinezuur.

    Voor mij is het daarom niet logisch om stap 5 in de totaalreactie te betrekken.

    De volgende werkwijze zou je kunnen helpen bij het opstellen van een blokschema:

    – lijnen tussen blokken worden gebruikt voor stofstromen

    – blokken worden gebruikt om een proces weer te geven, bijvoorbeeld een reactie of zuiveringsstap

    1. Begin bij stap 1 van het proces, teken een blok voor dit proces en teken lijnen voor alle stoffen die worden toegevoegd. Vermeld bij iedere lijn welke stof wordt toegevoegd aan dit blok.

    2. Bedenk hoeveel lijnen uit blok 1 komen. Hint: na het samenvoegen van alle stoffen, vind er dan nog een scheiding plaats in hetzelfde blok, of komen alle stoffen er als een mengsel uit? Vermeld bij de lijn weer welke stof(fen) bij de lijn horen. Vergeet niet om stoffen die in overmaat aanwezig zijn en/of verontreinigingen/bijproducten te vermelden.

    3. Ga verder met stap 2 van het proces. Bedenk hoe deze gekoppeld is aan stap 1, teken hiervoor weer een blok en teken de stofstroom of stofstromen die hierin gaan en bedenk weer welke stofstroom/stofstromen eruit komen.

    Ga zo verder tot je alle stappen gehad hebt.

    4. Ga na of er stoffen gerecirculeerd kunnen worden. Dat wil zeggen, zijn er stoffen die ergens ontstaan en eerder in het proces gebruikt worden. Dan kun je deze stofstroom vanuit een later procesblok vast koppelen aan een eerdere stofstroom. Bedenk daarbij of je nog extra aanvoer nodig hebt van deze stof, of dat de stof in zijn geheel niet verbruikt wordt en er geen extra aanvoer nodig is.

    Ik hoop dat je hiermee vooruit kunt. Lukt het niet dan horen we het graag!

    Groeten,

    Yvette

    #162176 Reageer
    Dirk
    Gast

    Ok, dus als ik de drie reacties bij elkaar optel krijg ik de totale reactie: C6H12O + 4HNO3 → C6H10O4 + 4HNO2 + H2O. Voor de atoomeconomie en E-factor heb je de massa van het gewenste product nodig. Ik weet dan niet of ik alleen de massa van C6H10O4 moet gebruiken (het doel van dit proces is om dit product te maken) of ook 4HNO2 want dit wordt geen afval maar wordt weer later gebruikt voor recirculatie. H2O weet ik vrijwel zeker dat het niet meegerekend moet worden. Daarnaast moet ik de Q-factor van het hele proces berekenen. Uiteindelijk ontstaat er NO dat erg slecht is (dus hoge Q-factor) maar dit staat dus niet in de reactievergelijking… Betekent dit dan dat de Q-factor 0 is of moet je nu wel naar alle stoffen van de reactie kijken – dus ook de stoffen die niet in de reactievergelijking staan zoals NO?

    #162244 Reageer

    Hallo Dirk,

    Na lezen van jouw vraag heb ik contact gehad met Yvette over welk antwoord jou het best kan helpen. We denken dat je alle reacties erbij moet betrekken en ook het NO-gas dat wordt afgevangen. In de industrie lozen ze dat niet zomaar in de lucht; er kan weer HNO3 van gemaakt worden. Kun je zelf deze vergelijking opstellen? Als je alles optelt, kom je tot een verrassende conclusie!

    Succes en groet,

    Jan Wim Peters

4 berichten aan het bekijken - 1 tot 4 (van in totaal 4)
Reageer op: Groene Chemie opdracht
Je informatie:



vraagbaak icoon eiwit
Scheikunde | Vwo | 6
Vraag
eiwit
ik ben een eindproject aan het doen en ik moet hierbij de eiwitgehalte bepalen van gedroogde meelwormen. Mijn vraag is of dat ik gedroogde meelwormen (in de vorm van poeder) kan gebruiken bij Kjeldahl-methode. (de eiwitgehalte bepalen gaat na vetextractie gebeuren)
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon eiwitgehalte bepalen met Kjeldahl-methode
Scheikunde | Vwo | 6
Vraag
eiwitgehalte bepalen met Kjeldahl-methode
beste meneer/ mevrouw ik ben een eindproject aan het doen en ik moet hierbij de eiwitgehalte bepalen van gedroogde meelwormen. Mijn vraag is of dat ik gedroogde meelwormen (in de vorm van poeder) kan gebruiken bij Kjeldahl-methode. (de eiwitgehalte bepalen gaat na vetextractie gebeuren) alvast bedankt
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon pH
Scheikunde | Havo | 5
Vraag
pH
Een regenton is gevuld met 200 liter water, waarvan de pH 5,5 is. Je moet natriumhydroxide korreltjes gebruiken om de pH neutraal te maken (pH 7). Elk korreltje weegt 0,025 gram. Hoeveel korreltjes heb je nodig om het water neutraal te maken?
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon redoxreactie
Scheikunde | Vwo | 6
Vraag
redoxreactie
hallo, wilt u bij deze reacties voor mij het antwoord geven want ik heb ze gemaakt maar ik heb geen antwoorden en ik weet niet of ik het goed gedaan heb. 1. geef de half reacties en de totaal reactie  wanneer fosforigzuur (H3PO3) aan een kaliumnitraatoplossing wordt toegevoegd/ 2. geef de half reacties en de […]
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon Redox waterstofperoxide
Scheikunde | Vwo | 5
Vraag
Redox waterstofperoxide
Hoi In mijn scheikundeboek staat een opdracht over waterstofperoxide dat zich als oxidator en als zuurstof gedraagt. vraag a: ‘Je kunt je haar bleken met een H2O2 oplossing. Niet H2O2 zelf is dan de oxidator, maar zuurstof die uit H2O2 ontstaat. Geef de halfreactie voor het ontstaan van zuurstof uit H2O2. en vraag b: ‘De […]
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon Redox waterstofperoxide
Scheikunde | Vwo | 5
Vraag
Redox waterstofperoxide
Hoi In mijn scheikundeboek staat een opdracht over waterstofperoxide dat zich als oxidator en als zuurstof gedraagt. vraag a: 'Je kunt je haar bleken met een H2O2 oplossing. Niet H2O2 zelf is dan de oxidator, maar zuurstof die uit H2O2 ontstaat. Geef de halfreactie voor het ontstaan van zuurstof uit H2O2. en vraag b: 'De […]
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon koolwaterstoffen nummering
Scheikunde | Vwo | 4
Vraag
koolwaterstoffen nummering
hoe weet je welk deel van een koolwaterstof het laagste nnummer heeft?
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon Redox en groene chemie
Scheikunde | Vwo | 5
Vraag
Redox en groene chemie
Geachte iemand, voor het vak scheikunde heb ik een SE over redox en groene chemie gemaakt, hiervoor heb ik een 2,8 terwijl ik dacht dat het best oké ging. Binnenkort heb ik de herkansing. Vandaar mijn vraag; ‘hoe en met welke methode/materiaal kan ik het beste voor deze onderwerpen leren?’
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon Chemisch rekenen de molariteit
Scheikunde | Vwo | 6
Vraag
Chemisch rekenen de molariteit
De oplosbaarheid van alunogeniet in water is 360 g/L bereken hiermee de molariteit van de aluminiumionen in een verzadigde oplossing van alunogeniet in water bij 20 graden
Bekijk vraag & antwoord
studiehulp icoon Olieverdamper
NaSk1 | Vmbo | 4
Eindexamen
Olieverdamper
Vragen 1 t/m 6 uit eindexamen NaSk 1 vmbo-gl en vmbo-tl 2021 tijdvak 2.
Lees meer

Inloggen voor experts