oxidator?
Over de vraagbaak

Vraagbaakscheikunde.nl

oxidator?

4 berichten aan het bekijken - 1 tot 4 (van in totaal 4)
  • Auteur
    Berichten
  • #2501 Reageer
    Sanna
    Gast

    Hallo allemaal,

    ik heb een vraagje. Gegeven was de volgende redoxreactie;

    2 Fe2O3 (s) + 3 C (s) ————> 4 Fe (s) + 3 CO2 (g)

    De vraag was ; bepaal welk deeltje de oxidator is en welke de reductor.

    Ik deed eerst de oxidatie getal van 2 x Fe2O3
    Voor de O3;
    3 x -2 = -6 maar er staat een 2 voor dus. -12
    Voor de Fe2:

    Fe2 moet hier een lading van 3+ hebben om zo +12 te krijgen.

    Als ik dan naar de andere producten kijken dan zie ik dat 4x Fe een totale lading heeft van 4 x O.

    2x 3+ ging naar 4 x 0 dus er zijn 6 elektronen opgenomen dus Fe2 is de red.

    Die O3 aan het begin van de pijl an een totale lading van -12 . Na de pijl heb je weer 3 x 2 x -2= -12 dus de lading ga; O blijft hetzelfde.

    Dus mijn vragen zijn nu:

    1. is die 3 x C dan de ox?
    2. Stel er staat 3 O2. is de oxidatie getal slechts 2 x -2 dus -4 of moet je dit nog keer 3 doen?

    Hopelijk is mijn verhaaltje duidelijk,

    vriendelijke groeten,

    Sanna

    #2502 Reageer
    mui
    Gast

    Dag Sanna,

    Je aanpak is goed.
    De formulering kan nog wat beter.
    Fe2O3 is een zout en is inderdaad opgebouwd uit Fe3+ ionen en O2- ionen.
    Bij de reactie gaat het Fe3+ ion over in neutrale ijzeratomen. Daarvoor moet het Fe3+ ion 3 elektronen opnemen.
    Het Fe3+ ion in Fe2O3 is dus de oxidator.
    Het verhaal van de reductor is iets lastiger omdat CO en CO2 geen zouten zijn. De moleculen van deze stoffen zijn dus niet opgebouwd uit ionen.

    Voor een verdere uitleg moet ik weten of je het begrip oxidatiegetal gehad hebben. Laat me dat even weten.

    Wat je wel kan zeggen is het volgende:

    O2- in Fe2O3 is niet de reductor, want dan zou Fe2O3 niet bestaan omdat in dat geval Fe3+ met O2- zou reageren en zouden er andere stoffen ontstaan. De reductor moet dus koolstomonoöxide zijn.

    Ik denk dat er nog wat toelichting nodig is.
    Laat me weten wat je nog niet snapt of wat je aanvullend wilt weten.

    Groet
    MUI

    #2549 Reageer
    Sanna
    Gast

    Hoi,

    Ik heb het begrip oxidatiegetal wel gehad

    de 3 C heeft een oxidatiegetal van 0, klopt dit?

    En na de pijl heeft C een oxidatiegetal van 3 x 4+ = 12+ ?

    Dus die CO2 is positiever geworden , dus het heeft elektronen afgestaan toch? Maar “wie” heeft elektronen afgestaan? Die C vooor d epijl kan dat toch niet want hij heeft een lading van 0.?

    Ik weet niet hoe je in en reactie kan zien wie of wat de red is en wie de ox is. Staan deze voor de pijl of na de pijl? Sorry voor mijn verwarring ik begrijp dit niet zo goed.

    Sanna

    #2550 Reageer

    Beste Sanna,

    Je hebt bij een RedOx reactie altijd een reactie tussen een reductor en een oxidator. Dus voor de pijl staat zowel een reductor als een oxidator.
    Aangezien er in dit geval twee stoffen voor de pijl staan, moet de ene stof de reductor zijn en de andere stof de oxidator.
    De oxidator neemt, zoals door MUI, uitgelegd, de elektronen op en is in dit geval dus Fe3+. Omdat Fe2O3 met zichzelf zou reageren als O2- de reductor is, zoals door MUI uitgelegd, kan O2- nite de reductor zijn. Tegelijkertijd moet dan C wel de reductor zijn want dat is de enige andere stof aanwezig voor de pijl.

    Uit jouw vraag maak ik twee dingen op
    1. Je verwart oxidator en reductor en weet niet precies hoe het zit met wat nu voor en wat nu na de pijl aanwezig is.
    2. Je wilt graag weten hoe het bij deze specifieke reactie zit mte de oxidatiegetallen

    Uitleg bij 1.
    Bij redoxreacties heb je, net als bij zuur-base reacties, koppels. Bij redox noem je dit RedOx-koppels. Dat komt omdat wanneer een reductor reageert, deze elektronen afstaat. Als je iets hebt afgestaan, zou je dit in theorie ook weer op moeten kunnen nemen. Als een reductor dus reageert wordt het een oxidator. Het omgekeerde is ook het geval, Dus als een oxidator reageert wordt het een reductor.

    Fe3+/Fe vormt dus een RedOx koppel, waarbij Fe3+ de oxidator is en Fe de geconjungeerde (erbij horende/eruit ontstane) oxidator.
    C/CO2 vormt in dit geval het andere RedOx koppel waarbij C wel de reductor moet zijn en CO2 de geconjungeerde oxidator is.

    Dat maakt het soms wat verwarrend, omdat na de pijl dus ook een redutor én een oxidator staat. Echter deze reageren niet met elkaar omdat deze reactie endotherm is in plaats van exotherm en dus niet spontaan plaats vindt (maar wel kan verklaren waarom we batterijen kunnen opladen… maar dat is een ander onderwerp!).

    Uitleg bij 2.
    Dan naar de oxidatiegetallen.
    C heeft inderdaad een oxidatiegetal van 0 voor de reactie
    Na de reactie heeft dezelfde C vier bindingen met 2 zuurstofatomen. Als we deze binding als ‘ionair’ zouden beschouwen (wat niet zo is, maar voor bepaling van het oxidatiegetal is dit nodig) dan zouden alle elektronen van de vier bindingen toegewezen worden aan de zuurstofatomen aangezien het zuurstofatoom elektronegatiever (harder aan de elektronen trekt) dan het koolstofatoom.

    Dat betekent dus dat het koolstofatoom 4 elektronen ‘afstaat’ aan de twee zuurstofatomen en dus het oxidatiegetal IV+ krijgt (oxidatiegetallen geven we gewoonlijk weer met Romeinse cijfers).

    Het oxidatiegetal van koolstof verandert dus van 0 -> IV+ wat wil zeggen dat het koolstofatoom 4 elektronen heeft afgestaan.

    Er zijn in totaal 3 koolstofatomen, dus het totaal aantal afgestane elektronen is 3*4 = 12

    Deze zijn allen opgenomen door de 4 ijzerionen, die ieder 3 elektronen hebben opgenomen.

    Hoe zit het dan met zuurstof? Voor de pijl heeft het zuurstofion een lading van 2-, dus oxidatiegetal II-. Na de pijl ontvangt het zuurstofatoom alle elektronen uit de binding met koolstof, dus ‘krijgt’ 2 elektronen aan zich toegewezen, dus heeft nog altijd oxidatiegetal II-. Het oxidatiegetal van het zuurstofatoom blijft dus gelijk ook al had het voor de pijl een formele (echte) lading van 2- en na de pijl is het atoom neutraal geladen.

    Laat maar weten of het zo duidelijk is voor je of dat je nog aanvullende vragen hebt!

    Groeten,
    Yvette

4 berichten aan het bekijken - 1 tot 4 (van in totaal 4)
Reageer op: oxidator?
Mijn informatie:



vraagbaak icoon hoeveelheid mmol in anodekant berekenen met een titratie.
Scheikunde | Vwo | 5
Vraag
hoeveelheid mmol in anodekant berekenen met een titratie.
Ik heb vorige week eeb practicum scheikunde moeten doen over elektrolyse van CuSO4 de proef was wel goed gegaan alleen moet ik nu aan een verslag werken maar loop ergens vast. Bij ons titratie moesten we in een erlenmeyer 10 mL kopersulfaatoplossing (oorspronkelijke oplossing) doen en uiteindelijk aanvullen met demiwater tot de 100 mL streepje […]
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon temperatuur vloeistof en damp
Scheikunde | Vwo | 5
Vraag
temperatuur vloeistof en damp
stel: je hebt een oplossing van een vaste stof in een vloeistof. Waarom is de temperatuur van de condenserende damp niet hetzelfde als de temperauur van de kokende vloeistof?    
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon Batterij
Scheikunde | Vwo | 6
Vraag
Batterij
Klopt het dat een elektrolyt in een batterij altijd een zoutbrug of een membraan is ?
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon Praktische Kz berekenen van hydraat
Scheikunde | Vwo | 5
Vraag
Praktische Kz berekenen van hydraat
Hallo, hoe bereken ik de praktische kz van Fe(NO3)3nonahydraat bij gegeven 0,269 gram ervan en met pH = 2,42 (het gaat hier over zuren en basen), maar ik weet niet wat ik moet doen?   M.V.G. Tom
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon kristallisatie van salicylzuur en natriumsalicylaat
Scheikunde | Vwo | 5
Vraag
kristallisatie van salicylzuur en natriumsalicylaat
Voor een proefje waarbij we aspirine maken moeten we een verslag schrijven. Toen we methylsalicylaat omzetten tot salicylzuur met behulp van natronloog en daarna zwavelzuur. Mijn vraag is echter: Waarom kristalliseerde salicylzuur wel en natriumsalicylaat niet?  
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon Verslag titratie, berekenen van massapercentage
Scheikunde | Vwo | 6
Vraag
Verslag titratie, berekenen van massapercentage
Hallo, ik heb een vraag over een verslag dat ik schrijf voor scheikunde over een titratie waarbij ik het massapercentage van koper (II) moet bepalen in een koperzout. Alleen komen wij niet uit de berekening. We hebben alles al geprobeerd. ik zal hieronder mijn verslag met resultaten neerzetten. In onze proef hebben we het koper […]
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon verdunningsfactor
Scheikunde | Vwo | 6
Vraag
verdunningsfactor
Hallo, als je 1 ml van een stof oplost in 100 mL en daarna aan 10 ml van deze verdunde oplossing nog 10 mL water toevoegt hoeveel keer heb je dan in totaal verdund?
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon kookpuntsverhoging (formule en eenheden)
Scheikunde | Vwo | 5
Vraag
kookpuntsverhoging (formule en eenheden)
Beste menner/mevrouw, Ik heb een vraag over kookpuntsverhoging. De opdracht luidt als volgt: Bereken het kookpunt van een oplossing van 3,82 g natriumsulfaat in 160 g water. Om tot een antwoord te komen moet ik (geloof ik ) deze formule gebruiken: MM = n * (A * molkpv) / (P * kpv) Hierbij is MM= […]
Bekijk vraag & antwoord
studiehulp icoon Polymeren
Scheikunde | Vwo | 6
Oefentoets
Polymeren
Oefentoets over polymeren en polymerisatiereacties.
Bekijk de toets
studiehulp icoon Hulp nodig bij je bèta profielwerkstuk?
Biologie | Natuurkunde | Scheikunde | Wiskunde | Havo | Vmbo | Vwo
Leertip
Hulp nodig bij je bèta profielwerkstuk?
Je kunt terecht bij alle bèta universiteiten in Nederland.
Bekijk de tip

Inloggen voor experts