redoxreactie/zoutreactie
Over de vraagbaak

Vraagbaakscheikunde.nl

redoxreactie/zoutreactie

2 berichten aan het bekijken - 1 tot 2 (van in totaal 2)
  • Auteur
    Berichten
  • #2225 Reageer
    Daisy
    Gast

    Hi,

    In de reactie: 2 Ag(s) + Cl2(g) → 2 AgCl(s) zijn de ladingen van de ionen voor de pijl ongelijk aan de ladingen na de pijl. Dit snap ik op zich wel, maar ik snap niet waarom het ongeladen zilverion Ag+ wordt en het ongeladen chloride-ion Cl- wordt. Geeft de zilver een elektron aan de chloride om beter verbonden te zijn of is er een andere reden?

    Groet,
    Daisy

    #2226 Reageer

    Hoi Daisy,

    Jouw vraag heeft te maken met de stabiliteit van elementen in zouten/moleculen. In dit geval gaat het om de elementen Ag of Ag+ in Ag(s)/AgCl, en Cl en Cl- in Cl2(g)/AgCl(s). Ik denk dat je wel bekend bent met de octetregel die zegt dat elementen het liefst een gevulde elektronenschil willen hebben, want dan zijn ze het stabielst en minst reactief. Elk element wil tenslotte zo stabiel mogelijk worden.

    In deze reactie zie je dat Cl voor de reactie niet aan de octetregel voldoet, maar na de reactie wel. Ik laat het over om uit te zoeken waarom dat zo is, want het is belangrijk dat je dat zelf kan bepalen. Als tip kan ik meegeven dat je het periodiek systeem erbij moet houden en dat nobelgassen (meest rechtse kolom) een volle elektronenschil hebben.

    Omdat Cl- in AgCl veel stabieler is dan Cl in Cl2, wil Cl een elektron opnemen. Het tegenovergestelde geldt voor zilver: Ag wil het liefst één elektron afstaan om zo een volledige schil te krijgen. Dus op de vraag ‘Waarom geeft Ag een elektron weg en neemt Cl een elektron op?’ is dat beide elementen veel stabieler zijn door een binding te vormen waarin ze geladen zijn.

    Laat me maar weten als er nog onduidelijkheid is hierover.

    Groetjes,

    Siebe

2 berichten aan het bekijken - 1 tot 2 (van in totaal 2)
Reageer op: redoxreactie/zoutreactie
Mijn informatie:



vraagbaak icoon Reactiemechanismen
Scheikunde | Vwo | 6
Vraag
Reactiemechanismen
Ik kom niet uit het ionair reactiemechanisme van dibroom en broommethaan waarbij dibroommethaan ontstaat.
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon vraag 17 2002 tijdvak 1
Scheikunde | Vwo | 6
Vraag
vraag 17 2002 tijdvak 1
In mijn scheikunde boek kwam een oud examen opgave van 2002 tijdvak 1 vraag 17. Ik snap er dus helemaal niks van. Zouden jullie mij kunnen helpen met hoe je dit soort vragen beantwoord en hoe zei op het antwoord kwamen?
Bekijk vraag & antwoord
studiehulp icoon Organische chemie - naamgeving
Scheikunde | Vwo | 4
Oefentoets
Organische chemie - naamgeving
Oefentoets over organische chemie - naamgeving voor vwo 4.
Bekijk de toets
studiehulp icoon Molariteit
Scheikunde | Vwo | 4
Oefentoets
Molariteit
Oefentoets over molariteit.
Bekijk de toets
studiehulp icoon Gehaltes
Scheikunde | Vwo | 4
Oefentoets
Gehaltes
Oefentoets over rekenen aan volume, massa, dichtheid en ppm.
Bekijk de toets
studiehulp icoon Energie
Scheikunde | Vwo | 4
Oefentoets
Energie
Deze oefentoets bestaat uit drie vragen over het onderwerp energie. De uitwerking vind je na het openen van alle hints. Let op, als er geen ‘Controleer antwoord’ knop staat, moet je zelf je antwoord controleren met behulp van de hints en uitwerking.
Bekijk de toets
studiehulp icoon Evenwichten
Scheikunde | Vwo | 4
Oefentoets
Evenwichten
Oefentoets over evenwichtsreacties.
Bekijk de toets
studiehulp icoon Bindingen
Scheikunde | Vwo | 4
Oefentoets
Bindingen
Oefentoets over bindingen (atoom, vanderwaals, etc).
Bekijk de toets
studiehulp icoon Atoombouw
Scheikunde | Vwo | 4
Oefentoets
Atoombouw
Oefentoets over atoombouw en isotopen.
Bekijk de toets
studiehulp icoon Zuren-basen
Scheikunde | Havo | 5
Oefentoets
Zuren-basen
Oefentoets over zuur-basereacties en pH berekenen.
Bekijk de toets

Inloggen voor experts