Spectrofotometriscge bepaling van een complexconstante
Over de vraagbaak

Vraagbaakscheikunde.nl

Spectrofotometriscge bepaling van een complexconstante

2 berichten aan het bekijken - 1 tot 2 (van in totaal 2)
  • Auteur
    Berichten
  • #3074 Reageer
    Esther
    Gast

    Wij hebben een spectrometrische bepaling van een comlexconstante gedaan. Bij de tweede meetserie moesten wij 6 reageerbuizen vullen met verschillende verhoudingen van water, Fe(NO3)3 oplossing en KSCN oplossing. Daarvan hebben we de resultaten van de extinctie opgeschreven. Bij deze meetserie wordt gewerkt met een sterke overmaat Fe3+. Nu moeten wij uitleggen waarom er een sterke overmaat is en waarom die voor een linear verband zorgt tussen de hoeveelheid toegevoegde SCN- ionen en de extinctie. Kunt u ons daarmee helpen

    #3075 Reageer
    wmoene
    Expert

    Dag Esther,

    Het complexe ion Fe-SCN 2+ heeft een heel duidelijke rode kleur (zie ook BiNaS tabel 65B), en dat kun je met een fotospectrometer makkelijk meten. De extinctie is recht evenredig met de [FeSCN2+]-concentratie.

    Als je met een overmaat KSCN werkt dan wordt niet alle SCN- die je toevoegt omgezet in FeSCN2+. Er blijft een deel niet omgezette SCN- over die geen bijdrage levert aan de extinctie, en dus kun je in dat geval geen lineair verband verwachten tussen toegevoegde [SCN-] en de extinctie.

    Als je met een overmaat Fe3+ werkt zal alle toegevoegde SCN- worden omgezet in FeSCN2+ (meetbaar met de fotospectrometer) en dan is de toegevoegde SCN- wél recht evenredig met de [FeSCN2+]-concentratie en dus met de gemeten extinctie.

    Daarom moet je dus werken met een overmaat van Fe3+ omdat dan álle SCN- wordt omgezet in iets meetbaars.

    Ik hoop dat dit duidelijk is.

    Vriendelijke groet, Wim Moene

2 berichten aan het bekijken - 1 tot 2 (van in totaal 2)
Reageer op: Spectrofotometriscge bepaling van een complexconstante
Mijn informatie:



vraagbaak icoon vraag 17 2002 tijdvak 1
Scheikunde | Vwo | 6
Vraag
vraag 17 2002 tijdvak 1
In mijn scheikunde boek kwam een oud examen opgave van 2002 tijdvak 1 vraag 17. Ik snap er dus helemaal niks van. Zouden jullie mij kunnen helpen met hoe je dit soort vragen beantwoord en hoe zei op het antwoord kwamen?
Bekijk vraag & antwoord
studiehulp icoon Molariteit havo 4
Scheikunde | Havo | 4
Oefentoets
Molariteit havo 4
Oefentoets havo 4 over molariteit
Bekijk de toets
studiehulp icoon Bindingen havo 4
Scheikunde | Havo | 4
Oefentoets
Bindingen havo 4
Oefentoets bindingen (atoom, vanderwaals etc) havo 4
Bekijk de toets
vraagbaak icoon Rekenen zuren en basen
Scheikunde | Vwo | 5
Vraag
Rekenen zuren en basen
Goedenavond, Ik had een vraag waar ik niet helemaal uitkwam met betrekking tot chemisch rekenen aan zuren en basen. Hopelijk zou iemand mij op weg kunnen helpen. De vraag luidt als volgt: Je hebt een oplossing van natriumcarbonaat met een pH van 11,70 (T=298 K). Aan 50 mL van deze oplossing wordt 10 mL 0,10 […]
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon Druk in een vat
Vraag
Druk in een vat
Stel dat ik een drukvat/buffervat heb van b.v. 1.000 liter lucht met een uitgangsdruk van 1 bar. Wat gebeurt er als ik daar met een compressor 1.000 liter lucht (of een hoeveelheid 'N') bij in pomp? Mijn uitgangspunt is de ideale gaswet: P x V / N x T = constant. Dus als ik N […]
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon Katalysator in evenwichtsreactie
Scheikunde | Vwo | 4
Vraag
Katalysator in evenwichtsreactie
Mijn vraag is simpel Beïnvloedt een katalysator in een reactie met ingesteld evenwicht beide reactiesnelheden (reactie links en rechts) met dezelfde toename of afname? Ik begrijp niet dat een katalysator voor twee verschillende reacties dezelfde invloed kan hebben.
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon polair/apolair
Scheikunde | Vwo | 6
Vraag
polair/apolair
Malonzuur lost prima op in water. Toch zou ik zeggen dat door de symmetrie van het molecuul, moleculen malonzuur geen dipoolmoment hebben. De partiele dipoolmomenten heffen elkaar op. En dus is het een apolaire stof. Net zoals CO2 dat ook niet goed oplost in water. Toch heeft malonzuur OH-groepen die H-bruggen met watermoleculen kunnen vormen. […]
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon polair/apolair
Scheikunde | Vwo | 6
Vraag
polair/apolair
Malonzuur lost prima op in water. Toch zou ik zeggen dat door de symmetrie van het molecuul, moleculen malonzuur geen dipoolmoment hebben. De partiele dipoolmomenten heffen elkaar op. En dus is het een apolaire stof. Net zoals CO2 dat ook niet goed oplost in water. Toch heeft malonzuur OH-groepen die H-bruggen met watermoleculen kunnen vormen. […]
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon scheikunde zuren
Scheikunde | Vwo | 4
Vraag
scheikunde zuren
de opdracht uit het boek: Methaanzuur is een organisch zuur. Geef de reactievergelijking in molecuulformules van de reactie die verloopt bij het oplossen van methaanzuur in water. hoe/waar kan ik vinden wat de formule van methaanzuur is, staat het ergens in de binas of moet ik dit leren?
Bekijk vraag & antwoord
vraagbaak icoon pH berekenen
Scheikunde | Vwo | 5
Vraag
pH berekenen
Bereken de pH na samenvoegen van: 100,0 ml zoutzuur (pH=2,70) en 100,0 ml KOH (pH=11,50) Ik heb de concentratie H3O+ en de concentratie OH- kunnen betekenen, maar ik weet niet hoe ik verder zou moeten.
Bekijk vraag & antwoord

Inloggen voor experts